dinsdag 23 maart 2010

De vriend, de barman en de vrijheid

Het wordt weer lente, de zon schijnt, iedereen lacht en flirterige vlinders fladderen overal dwars doorheen. Stelletjes picknicken in het park en zoenen tot je er misselijk van wordt. De terrasjes stromen vol met single mannen en de zon maakt alles net een beetje mooier dan het eigenlijk is.

De lente geeft mij altijd het gevoel van vrijheid. En afgelopen jaren was ik ook altijd vrij. Vrij om te doen wat ik wilde, met wie ik wilde en wanneer ik wilde.
En ja, even kort door de bocht, ik heb het dus over flirten met jongens.
Nu weten sommigen van jullie wel dat ik inmiddels alweer een jaar ‘aan de vent ben’ of ‘onder de plak zit’, zoals je dat kunt noemen. En daar ben ik over het algemeen heel erg gelukkig mee. Maar dat vrij zijn en flirten, dat kon nu dus niet meer.

Ik heb het altijd moeilijk gevonden me aan te passen aan de beperkingen van de vrijheid. Ik ben dan ook een voorvechter van de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst, de vrijheid van onderwijs, enzovoorts.
En ondanks dat de liefde prachtig en veilig en rustgevend hoort te zijn, wordt ik er soms een beetje bang van. En zo belandde ik een paar weken geleden in een dilemma:
Ik wilde ook lachen, flirten en lol maken, maar dat leek niet helemaal samen te gaan met het relatie leven.

En terwijl mijn hoofd vol zat met die gedachte aan verloren vrijheid, kwam ‘hij’ op mijn pad; de barman van mijn nieuwste ‘stamkroeg’. Laten we hem voor het gemak maar De Barman noemen, ondanks dat hij eigenlijk gewoon Thomas heet.
De Barman is niet bijzonder knap, veel minder aantrekkelijk dan mijn vriend en lang niet zo grappig, maar toch wist hij mijn aandacht vast te houden. Gepraat ging over in geflirt. En ik betrap hem af en toe op een behoorlijk onsubtiele aanraking of opmerking.

Een beetje fout voelde het wel, terwijl ik eigenlijk wel weet dat barmannen met iedereen en alles flirten, in de hoop op een vette fooi. En ondanks dat ik nooit ook maar een kus zou afstaan aan deze barman, was het erg gezellig en stiekem was die aandacht best leuk.

Na die avond voelde ik me schuldig, ik wilde geen dingen verborgen houden voor mijn vriend, maar ik wilde ook niet dat hij zich later bedrogen zou voelen. Na een paar dagen nagedacht te hebben over deze kwestie, bleek zoals altijd de moeilijkste oplossing de beste te zijn: eerlijkheid.
Dus vertelde ik vriendlief over de grappige barman en hoe gezellig ik het in de kroeg gehad had. Reactie? ‘Mooi zo! Heb je al gratis bier van hem gekregen?’. En dat helemaal zonder sarcastische ondertoon.

Gelukkig kon mijn vriend er dus ook om kon lachen, zonder boos of jaloers te worden. Toen ik vroeg of hij dan niet bang zou zijn dat ik een keer met iemand anders in bed zou belanden, sprak hij de volgende magische woorden: ‘Nee hoor, want ik vertrouw je en ik weet toch dat je van me houdt’.

Uiteindelijk bleek ik dus de enige te zijn die zich zorgen maakte, maar ik heb wel geleerd hoe gelukkig ik moet zijn met mijn lieve, stoere en vooral relaxte vriend, die mij volop durft te vertrouwen.

Vrijdag is het weer Girls Night Out. Ik weet zeker dat ik weer bij Thomas aan de bar beland. Maar als ik dan thuis kom kruip ik het liefst lekker naast mijn vriend in bed en vertel ik hem hoeveel grappige foute opmerkingen De Barman die avond gemaakt heeft. En vriendlief? Die weet dat ik uiteindelijk toch het liefst in zijn armen in slaap val.

donderdag 4 maart 2010

Democratisch drama

Gister was het dan zo ver, de gemeenteraadsverkiezingen! Zoals bij de meeste verkiezingen geeft dat de burger het recht om zijn mening te laten horen, en een verschil te maken. Natuurlijk zijn er ook andere soorten verkiezingen, de zogenaamde vleeskeuringen. Maar bij de gemiddelde missverkiezing zul je geen politici aantreffen, hoewel ik Femke Halsema en Agnes Kant best tegen elkaar zou willen zien strijden om zo’n felbegeerd kroontje.
Verder zijn de meeste lijsttrekkers niet erg aantrekkelijk, dus kunnen ze het beter bij de politiek houden. En aangezien de meeste deelneemsters aan missverkiezingen zich meer interesseren voor krultangen dan voor debatten, zal ik proberen die werelden verder gescheiden te houden.

Inhoudelijk goed onderbouwde plannen, een bekwaam leider en intelligente kandidaten, dat is waar een goede partij volgens mij aan zou moeten voldoen. En in Almere hebben de burgers hun partij gevonden; De PVV.
Niet dat ik ooit van plan was het mooie Amsterdam in te ruilen voor iets als Almere, maar nu weet ik het zeker. Al zijn de huizen er nog zo nieuw en goedkoop, ik zet er geen stap. Want dat Wilders er aan de macht komt lijkt me een prima experiment, maar het idee dat het merendeel van de Almeerse burgers op hem heeft gestemd, geeft voor mij aan dat ik daar niet tussen hoef te wonen. Het risico dat je toekomstige Almeerse buurman een voorstander zou zijn van Geert vind ik iets te groot. En daarbij vind ik hoofddoeken best gezellig staan in het straatbeeld.

Dat ik het niet eens ben met het massaal stemmen op Wilders lijkt me wel duidelijk, maar die mensen hebben gelukkig gewoon gebruik gemaakt van hun goed recht. Wat nog veel erger is, is het niet stemmen. Mensen die vinden dat ze hun kostbare tijd wel beter kunnen besteden dan mee te werken aan de toekomst van hun land. Of denken dat het toch niets meer uit maakt wat je stemt. Men is ingedut en uitgezakt, terwijl dat juist de grootste klagers zijn.

In Nederland is er namelijk nooit iets goed. Als de zon schijnt is het te warm, als het regent te nat en die witte winter lijkt leuk totdat het echt eens flink begint te sneeuwen. Maar daar kunnen we helaas allemaal niets aan doen, dus dat gezeik is tot daar aan toe.
Het eeuwige gezeik over de politiek, daar is wel wat aan te doen. En als je niet stemt, mag je dus ook niet zeiken.
De dramatisch lage opkomst bij de verkiezingen gister zou dan dus betekenen dat er een heel stuk minder zeikende burgers zijn. Als je niet stemt, wil ik je stem verder ook niet horen. En als er gewoon geen partij is die jouw stem verdiend, dan begin je toch je eigen partij? Ook dat is je goed recht, en dat moet men zich maar eens gaan realiseren.

In Nederland hebben we een prachtige democratie, waarin burgers enorm veel rechten en vrijheden hebben. Stemrecht en vrijheid van meningsuiting, zaken waar elders in de wereld elke dag voor gestreden moet worden, maar waar veel Nederlanders niet eens gebruik van maken. En dat betekend niets anders dan dat wij een volk aan het worden zijn vol klagende bankhangers. De beste stuurlui staan aan wal, en de beste politici blijkbaar ook.

Gelukkig krijgen alle stemgerechtigden dit jaar nog een kans, want door de val van het zoveelste kabinet Balkenende is de weg naar verandering heropend. En nu maar hopen dat de Nederlander bereid is zich een klein beetje in te spannen voor die verandering.

vrijdag 26 februari 2010

Girlscene.nl; lief, leed, kommer en kwel

reactie op een uitgeschreven columnisten wedstrijd van de site girlscene.nl,
Ik heb lichte kritiek op deze wedstrijd, vandaar deze column.


Een van de grootste meidensites van Nederland, te vinden onder de URL www.girlscene.nl, heeft een columnisten wedstrijd uitgeschreven. De plek voor ‘Nederlands grootste schrijftalent’ om zijn kwaliteiten te showen, en zijn talenten te delen met de zeshonderdduizend unieke maandelijkse bezoekers.

De definitie van een column luid volgens het altijd betrouwbare woordenboek:
‘Korte prozatekst, geschreven voor een dag- of weekblad of voor een tijdschrift door een medewerker die vanuit een onafhankelijke positie bepaalde onderwerpen die vaak een bepaalde actualiteitswaarde hebben op de korrel neemt.’
En die onafhankelijke positie, daar draait het om. Een columnist moet een voorvechter zijn van de vrijheid van meningsuiting, en de grenzen hiervan constant blijven opzoeken. Een eigen mening onverhuld naar voren brengen, dat is het doel.

Maar wat heeft Girlscene bedacht? De deelname aan de columnisten wedstrijd vind plaats door een ‘column’ te schrijven waarin je verteld wat je zo leuk vind aan de eerder genoemde site. Nu moet men weten dat op girlscene.nl leuke artikelen staan, maar de nieuwswaarde ervan is meestal zeer laag, net als het niveau van de geschreven artikelen. Dat juist deze site nu opzoek is naar ‘Nederlands grootste schrijftalent’ is niet zo vreemd, aangezien de redacteuren dat zelf in ieder geval niet zijn. Maar dat ze op zoek zijn naar een columnist is wel vreemd, aangezien ze daarmee vragen om stukken met enig niveau, waarin een kritische blik gegeven wordt op maatschappelijke onderwerpen.
En die kritische blik op zaken, daar kunnen ze op girlscene meestal niet zo goed tegen.

Het meest interessante deel van de site zijn dan ook niet de door de redactie geschreven artikelen, maar juist het forum. Een forum is vanuit de oudheid een plaats waar Jan en alleman zijn mening mag verkondigen en verdedigen, maar op girlscene denken de redacteuren daar heel anders over. Een flink censuurbeleid bepaald wat je wel en niet mag posten, en als jouw mening niet bevalt wordt je ‘gebanned’. Je kunt inmiddels wel raden dat mijn mening niet altijd gewaardeerd wordt, en dus ben ik ook een maand van het forum verbannen. Een echte kritische columnist, met een eigen visie en een mening die misschien niet altijd aansluit op die van de redacteuren, daar is Girlscene nog lang niet klaar voor.

Maar wat nog het aller belachelijkst is van deze hele wedstrijd, is het feit dat de geschreven slijmbetogen over de site gepubliceerd moeten worden in de schoolkrant of lokaal dagblad. Heel belangrijk hierbij is dat de URL van de site, www.girlscene.nl dus, vermeld wordt. Aan die eis voldoe ik inmiddels ruimschoots, en ik heb ook nog wel de neiging om dit stuk in te sturen naar een krantje a la de Televaag, of toepasselijker: www.geenstijl.nl/ . Want een westrijd uitschrijven alsof je opzoek bent naar een ‘columnist’, die vervolgens alleen stukken mag schrijven over girlscene-correcte onderwerpen zoals oppervlakkige meidenzaken en gebroken nagels, is natuurlijk al behoorlijk vreemd. Maar als het echte motief achter de wedstrijd dan vooral reclame voor de eigen site blijkt te zijn, dan ben je bijna niet meer serieus te nemen.

woensdag 10 februari 2010

Huilen om Haïti

Het kan je niet ontgaan zijn, de ramp die op 12 Januari het eiland Haïti letterlijk door elkaar schudde en alles overhoop gooide. Gebouwen in puin, honderden mensen omgekomen, familieleden en vrienden weggerukt door natuurgeweld. Ramp.
Een kind zonder ouders, stapels lijken in de straten, geplunderde winkels, dat zijn de beelden die ons sinds die dag bereiken. De harde werkelijkheid misschien, en die moet je niet minder lelijk proberen te maken dan hij is.

Maar ik vind deze media aandacht vooral een verschrikkelijk voorbeeld van de westerse emotie tv, waar ik me al jaren zo aan erger. Een beeld schetsen van een situatie heeft nieuwswaarde, maar het oneindig uitzenden van huilende kinderen en bloedende mensen gaat volledig aan dit doel voorbij. Dat is namelijk gewoon bedoeld om tranen te trekken, en natuurlijk portemonnees. Want geld is nodig, veel geld.

Het idee dat wij gierige westerlingen alleen geld zullen storten als we overspoeld worden met verschrikkelijke beelden, vind ik een grote belediging, maar dat is wel waar de meeste ‘goede’ doelen tegenwoordig vanuit gaan. Een reclame campagne van het kankerfonds, die ongetwijfeld ongelooflijk goed werk doen, begint standaard met een terminaal patientje die úw hulp nú nodig heeft.
Tranen trekken dus. Gericht op het gevoel van de Nederlander in plaats van het verstand. Men gaat er zonder meer vanuit gaan dat we niet verstandig genoeg zijn om goede doelen te steunen, omdat we simpelweg alleen aan onszelf zouden denken.

Ik wordt er inmiddels zo misselijk van, dat ik weiger geld te storten als men niets beters te bieden heeft dan hongerige kindertjes of afgerukte ledematen. Ik wil feiten zien, want we moeten niet vergeten dat grote hoeveelheden geld nooit zullen belanden bij die Haitiaanse weeskindjes. Administratie kosten, koffie-drink-kosten en directeurs salarissen, het runnen van een Goed Doel schijnt tegenwoordig verdomd duur te zijn. En dan mag je nog hopen dat ze daar op z’n minst fair trade koffie drinken van het door jou gestortte geld.

Mocht jij je geld al overgemaakt hebben op giro 555, dan heb je op z’n minst een goed en gevoelig hart. Maar ik geloof er pas weer in als ik concrete plannen zie, en lachende kinder gezichtjes.


woensdag 27 januari 2010

Plastic Fantastic

Tegenwoordig is geen tijdschrift, krant, tv programma of straathoek meer veilig. Overal rukt het op, van subtiele correcties tot volledige verbouwingen, en van een onschuldige ingreep tot een slopende verslaving. De drang naar perfectie gaat tegenwoordig veel verder dan een strakke buik en glanzend haar, het hele lichaam moet aangepast worden om aan een waanbeeld van perfectie te voldoen.

En tegenwoordig is het geen schande meer om toe te geven dat je borsten gevuld zijn met chemicaliën en dat je nieuwe neus je zesduizend dollar gekost heeft, je moet het juist zo veel mogelijk benadrukken. Sterren als Heidi Montag, te beschrijven als de personificatie van een Barbie met het IQ van een pantoffeldiertje, geven vrolijk toe dat ze verslaafd zijn aan de scalpel, en raden iedereen een bezoekje aan de chirurg aan.

Deze verslaving wordt gedreven door de drang naar perfectie, maar wat is perfect?
In de jaren vijftig streefden alle vrouwen bijvoorbeeld naar puntige borsten, en hiervoor werden de meest vreemde BH’s uit de kast gehaald. Maar wat nou als de huidige plastisch chirurgie hype vijftig jaar eerder gekomen was? Dan liepen er nu massa’s bejaarde dames rond met puntige siliconen borsten, en of ze daar dan nog zo blij mee geweest zouden zijn is te betwijfelen.

Conclusie? Perfectie bestaat niet. En het streven naar uiterlijke perfectie is daarmee pure tijdverspilling. Maar helaas zijn er meer jonge meiden die Heidi Montag adoreren dan dat er meiden zijn die naar mij luisteren, dus zal deze The Hills Barbie nog voor velen een slecht voorbeeld vormen.

Maar zodra je achttien bent staat het je vrij om van je zuur verdiende centjes een nieuwe neus te kopen. Of je er gelukkig van wordt valt natuurlijk te betwijfelen, maar dan hoor je er wel bij, en heb je altijd een mooi verhaal te vertellen op die befaamde jetset feestjes.
Ben jij best tevreden met je neus, ben je bang voor het mes of heb je simpelweg de centen niet om je te laten verbouwen? Plak er dan gewoon een pleister op, studeer een dramatisch verhaaltje in, en dan tel je ook al helemaal mee in Snolliewood.


zondag 24 januari 2010

Ge(t)rommel on tape

Gister avond, na een overweldigend, oorverdovend maar geweldig concert van slagerij van kampen, die geen vlees verkopen, maar wel harten op hol doen slaan met hun percussie werk, was het tijd om samen met mijn vriend lekker onder de dekens te kruipen.

Aangezien ik een vrouw ben, was ik eerst nog een half uur bezig met het verwijderen van make-up en tandplaque, en het aanbrengen van de nodige crèmes en andere zaken waar veel mannen het belang niet van begrijpen.
Vriendlief lag inmiddels al lang en breed onder onze nieuwe, dikke, donzen en veel te dure dekens. Toen ik eindelijk uit gerommeld was in de badkamer, kroop ik rustig en nietsvermoedend tegen hem aan. Hij deed moeite om mij van elke vorm van textiel te ontdoen, want het nut van kleding, en dan vooral de hoeveelheden die ik er van heb, is hem nooit echt duidelijk geworden.

Na wat gefrunnik aan het sluitinkje van mijn bh, kwam op eens de vraag. ‘Lief, ga eens helemaal onder de dekens liggen, en kun je dan van me af gaan?’.

Wat is er mis, wat doe ik verkeerd, heeft hij een ander, vind hij me dik?
Typische vrouwen vragen die links en rechts door mijn brein schoten.
Maar terwijl ik me omdraaide boog hij naar het voeteneinde, en pakte vanaf een plank aan de muur zijn video camera, met een knipperend rood lampje.

Mijn gezicht veranderde langzaam van verbaasd, via geschokt naar woedend. En zijn enige mededeling was
‘Zie je wel, zo simpel is dat’. En ik moest toegeven, het was simpel.

Nu stond ook ik op tape, wel is waar alleen mijn rug en zijn mislukte pogingen om mijn bh los te maken, waarna ik me op zijn advies onder de dekens verstopte, maar toch. En ondanks dat ik dit nu op internet zet, had ik het zeker niet leuk gevonden als de beelden op youtube beland waren.

Mocht je mijn vriend nu een enorme klootzak vinden, dan kan ik je gerust stellen. Deze seks tape poging was alleen een manier om mij de mond te snoeren, na al mijn betogen over belachelijk naïeve meisjes die zich laten filmen tijdens de seks.
Het was een goede manier om nog maar eens te leren dat dingen niet altijd gegaan zijn zoals je in eerste instantie zou denken, en dat je mensen niet zomaar mag veroordelen.

Heb je toch interesse in mijn gerommel on tape? Helaas, we hebben er overheen gefilmd, en het enige dat je nu nog op tape staat zijn twee lachende hoofdjes die boven een dikke donzen deken uit komen. Al met al was het een fijne, vreemde en leerzame avond, waar gelukkig geen bewijs meer van terug te vinden is, behalve de voorafgaande 463 woorden.

donderdag 21 januari 2010

Hey, ik ook van jou!

Hey, ik ook van jou!

Houden van, voor mij is het lange tijd een groot mysterie geweest. Maar wat van iemand houden nou precies is, lijkt ieder ander redelijk zeker te weten.
Ik heb altijd in der veronderstelling geleefd dat je dingen namelijk alleen vol overtuiging roept als je zeker weet wat je zegt. Voordat je met feiten begint te strooien hoor je die na te trekken, en voordat je je mening uit moet je zorgen dat die ergens op gegrond is. Maar hoe zit dat dan, dat houden van? Een echt antwoord heb ik er tot nu toe helaas toch nog niet op kunnen krijgen. En dat is over het algemeen nu juist het probleem, dat we niet weten wat we zeggen, en dingen roepen zonder na te denken.

Nu is houden van een mooie term, met een grote emotionele waarde, en juist het feit dat we niet eens weten wat we precies zeggen versterkt het effect. Houden van, iets ongrijpbaars en onbeschrijfelijks, dat we als antwoord erop meestal niet verder komen dan die vier woorden: ‘ik ook van jou’, zonder erover na te denken.

Eerst denken, dan doen. Twee simpele stappen die bij verwisseling vaak pijnlijke gevolgen met zich meebrengen. ‘Ik ook van jou’ is niet zo handig om te zeggen tegen iemand van wie je niet houd, maar dat is niet het grootste probleem. Ook zinnen als ‘Ik maak je af’, ‘Vuile hoer’, en ‘Krijg de kanker’ vallen steeds vaker, en in de meeste gevallen, gelukkig, zonder dat daar ook maar een seconde over na gedacht is.

Of ten minste, dat hoop ik. Want kanker is iets dat geen enkel weldenkend mens een ander toe zou wensen. De nieuwe campagne ‘kanker verziekt je taal’ is er natuurlijk niet voor niets, maar de problemen gaan verder. Men denkt niet.
Daarom stem ik voor een campagne ter bevordering van het helder nadenken. Een seconde. Slechts een van de 86400 seconden die een dag telt, om na te denken voordat je iets luidkeels en grofgebekt verkondigd.

En voor wie niet na kan denken? Die moet dan maar verder leven in stilte. En mocht je toch nog een opmerking als ‘Ik haat je vuile slet’ naar je hoofd krijgen, roep dan lachend terug ‘Ik ook van jou!’.